Twentymom.nl

Naaipatroon Stokke Newbornhoes

U N D E R   C O N S T R U C T I O N

Een tijdje geleden heb ik een foto geplaatst op instagram van mijn zelfgemaakte hoes voor de Stokke Newbornschaal. Naar aanleiding van die foto kwamen er zoveel vragen naar het patroon dat ik gebruikt heb, dat ik besloot om te kijken of ik een patroon en een werkbeschrijving online kon krijgen. Omdat het om onderdelen gaat die groter zijn dan een A4’tje is het even een lastiger klusje dan tekenen en inscannen. Daarom plaats ik nu eerst een werkbeschrijving met de afmetingen van de verschillende onderdelen. Mocht je het aandurven om dit zelf uit te tekenen dan heb je hier wellicht al iets aan! Wanneer ik meer tijd heb om er werk van te maken een digitaal patroon online te zetten zal het patroon nog volgen.

Benodigdheden:

  • Stuk stevige stof van 50 cm lang (dit wordt de zichtbare kant van de hoes). Ik gebruikte een gordijnstof. Die zijn stevig, maar tegelijkertijd ook nog vrij soepel.
  • Stuk katoen van 50 cm (dit wordt de onderstof)
  • Elastiek van xxx cm (of elastiek biaisband van dezelfde lengte in een bijpassende kleur)
  • Garen in bijpassende kleur

Het patroon

De hoes bestaat uit 5 verschillende onderdelen. Op de afbeelding hieronder heb ik ze globaal uitgetekend.

A. Dit is de bovenste rand van de zitting.
B. Dit is de binnenzijde van de zitting.
C-D. Dit zijn de stukken die je voor de buitenste rand moet gebruiken. Deze vallen om de buitenrand van de schaal heen. Van C heb je er twee nodig, de tweede echter wel gespiegeld!

In de benodigdheden lijst zie je nog een stuk katoen staan die je als onderstof zou gebruiken. Ik heb er zelf voor gekozen om alleen B te onderleggen met de stof. Dit is voor dit onderdeel écht nodig als versteviging van de flappen, maar bovendien ook handig voor een extra laagje stof mocht de baby een spuitluier krijgen of spugen in de stoel. Je zou ervoor kunnen kiezen om ook A, en zelfs eventueel C en D te onderleggen, maar dit vond ik zelf niet nodig.

De beschrijving over de naadwaarde bij onderdeel B is wellicht een beetje vaag. De afmetingen zijn aan de bovenkant van dit onderdeel gemeten exclusief naadwaarde, en aan de onderkant inclusief naadwaarde. Dat betekent dus dat je dit onderdeel even iets anders moet tekenen zoals hierboven is weergegeven. Daarom heb ik ter verduidelijking even dit tekeningetje extra gemaakt hoe je het eigenlijk moet zien. Aan de bovenkant moet je dus nog extra naadwaarde erbij rekenen van 0,5 tot 1 cm (dit betekent eigenlijk in feite dat je bij de afmetingen hierboven 1 tot 2 cm extra moet rekenen bij het tekenen). Op de punten die hiernaast met rode sterretjes zijn aangegeven moet je de naadwaarde inknippen. Zo ontstaat het flapje aan de bovenkant en de tweedeling tussen boven en beneden. In de werkbeschrijving zul je teruglezen waarom die tweedeling nodig is.

 

Werkbeschrijving

Teken het patroon uit op patroonpapier, of bakpapier, knip de onderdelen uit en speld ze op de stof. Houd eventueel rekening met de figuren op de stof die je gebruikt, hoe deze in de onderdelen vallen. Ik ontkwam er niet aan om een paar dieren op mijn hoes te onthoofden om anderen er wel op te krijgen. Hierna ga je de stof uitknippen. Let op dat je bij de juiste onderdelen op de juiste kanten een naadwaarde meeknipt!

Tip! Bij het uittekenen van het patroon op papier kun je voor onderdelen A en B heel goed maar de helft tekenen zodat je zeker weet dat beide zijden symmetrisch zijn. Zorg er dan voor dat je het midden van het patroon op de stofvouw legt bij het spelden en knippen van de stof.

Wanneer je ervoor kiest om met elastieken biaisband te werken kun je onderdelen C en D uitknippen zoals aangegeven. Wil je, net als ik, liever werken met een elastiek, dan moet je er rekening mee houden dat je bij het uitknippen van deze onderdelen aan de buitenste rand een stuk extra knipt voor de tunnel waar het elastiek doorheen moet.

Knip van de onderdelen die je wilt onderleggen ook de patronen uit in het katoen.

Begin met het T-vormige onderdeel, ofwel onderdeel B.

We gaan eerst onderdeel B verstevigen met de katoen. Leg beide stukken stof met de goede kant op elkaar en speld ze vast. Nu ga je alleen de bovenkant van de ‘T’ aan elkaar stikken tot waar de rode kruisjes staan aangegeven op de tekening hierboven. Het flapje van 7 cm aan de bovenkant houdt je dus ook open. Daarna keer je de stoffen “buitenste binnen”. Vouw het flapje van 7 cm dat aan de bovenkant van de ‘T’ zit ook naar buiten.

Stik nu de onderkant ook aan elkaar vast, vlak langs de rand.

Nu gaan we onderdeel B vastzetten aan onderdeel A.
Als je ervoor hebt gekozen om ook onderdeel A te verstevigen met katoen dan moet je dit eerst doen. Stik de stof vlak langs de randen vast aan de onderstof. 

Het flapje van onderdeel B moet nu vastgezet worden aan de binnenboog van onderdeel A. Leg onderdeel A met de goede kant van de stof op de goede kant van B. Daarbij moet onderdeel A als een “U” erop liggen terwijl onderdeel B nog steeds een T is. Zorg ervoor dat precies in het midden gebeurd, en dat de naadvouwen precies op elkaar vallen.